Zeg het eens anders

Uit FOSwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Morse[bewerken]

Morse is een vorm van signalisatie waarmee je kan communiceren. De code werd in 1835 uitgevonden en ontwikkeld door Samuel Morse om ze te gebruiken voor telegrafie. Met een telegraaf kon een tekst in code worden overgeseind en aan de ontvangstkant weer worden ontcijferd. De mogelijkheden voor codes waren echter beperkt. Men kon enkel de stroom inschakelen of uitschakelen en op die manier korte of lange signalen doorgeven.

Morse heeft als voordeel dat je de codes op verschillende manieren kan doorzenden: met geluid (lange en korte geluiden), licht (lange en korte lichttekens), met vuur (grote of kleine rookwolken), op papier (lange strepen of korte puntjes), ...

Enkele algemene afspraken[bewerken]

  • Voor je begint te seinen vraag je eerst de aandacht van de ontvanger. Dit doe je door “aandacht” (één streep met de duur van twee strepen) te seinen.
  • Een streep duurt driemaal langer dan een punt.
  • Tussen de punten en strepen van een letter mag je geen pauze laten.
  • De duur tussen twee letters is gelijk aan de duur van een streep.
  • De duur tussen twee woorden is gelijk aan de duur van twee strepen.
  • Als je met een lamp seint, mag je de signalen niet te kort maken. Neem voor een punt twee tellen en voor een streep zes tellen.

Je kan ook seinen door je armen uit te steken (al dan niet met vlaggen). Dan gelden de volgende afspraken:

  • Kort = je rechterarm uitsteken
  • Lang = beide armen uitsteken
  • Volgende letter = één arm boven je hoofd
  • Volgend woord = twee armen boven je hoofd
  • Herhaal de laatste letter = met één arm boven je hoofd zwaaien
  • Herhaal het laatste woord = met twee armen boven je hoofd zwaaien

Sein- en ontvangstploegen[bewerken]

Om een boodschap vlot en zonder fouten door te geven, stel je best sein- en ontvangstploegen op. In de seinploeg dicteert persoon A een boodschap in morse aan persoon B. Persoon B seint de morsecode door (bijvoorbeeld met een zaklamp of fluitje) naar de ontvangstploeg. In die ploeg ziet of hoort persoon C het signaal en dicteert dit aan persoon D. Persoon D schrijft de code op. Pas daarna ontcijfer je de volledige boodschap. Het is belangrijk dat persoon B en persoon C tegenover elkaar staan, want persoon C moet B goed kunnen zien of horen.

Letters[bewerken]

Al die punten en strepen vanbuiten leren lijkt wel onbegonnen werk. Met enkele geheugensteuntjes, zoals hulpwoorden of een morsekaart, is morse gebruiken echter heel eenvoudig.

Hulpwoorden[bewerken]

De hulpwoorden zijn niet gekozen omwillen van hun betekenis, maar als geheugensteun.

Hoe gaat het in zijn werk?

  • Het woord begint altijd met de letter waarvan je de morsecode wil weten.
  • Deel het woord op in lettergrepen. Het aantal lettergrepen is gelijk aan het aantal tekens (puntjes of streepjes) waaruit de morsecode bestaat.
  • Een lettergreep waar een 'o' in voorkomt (ook in een combinatie, zoals ‘oo’ of ‘oe’), vervang je door een streep. Een lettergreep zonder 'o' vervang je door een punt.
  • De woorden zijn nergens vastgelegd. Het kan dus best zijn dat je binnen je eenheid andere hulpwoorden gebruikt.
A · — Auto
B – · · · Bokkenwagen
C — · — · Coca Cola
D — · · Dokwerker
E · Eend
F · · — · Fruitverkoper
G — — · Grootmoeder
H · · · · Hermelijntje
I · · Iemand
J · — — — Jan-oor-dom-oor
K — · — Kolenkot
L · — · · Limonade
M — — Motor
N — · Noten
O — — — Oorlogsvloot
P · — — · Papschoolloper
Q — — · — Quocorico
R · — · Revolver
S · · · Seinteken
T Ton
U · · — Uniform
V · · · — Verkennerstroep
W · — — Weeropkomst
X — · · — Xonder Xero
Y — · — — York-blijf-toch-york
Z — — · · Zonsondergang
CH — — — — Chocopotdop

De code '----' voor de lettercombinatie 'ch' is eigenlijk geen officiële code.

Morsekaart[bewerken]

De morsekaart is een handig hulpmiddel bij het omzetten van letters en cijfers naar morsecodes en omgekeerd. De morsekaart is opgebouwd uit twee helften: één helft begint met een punt en de andere met een streep. Je kan de kaart zowel gebruiken om morsecodes te zenden als om ze te ontvangen:

  • Hoor of zie je een morsesignaal en wil je snel zoeken welke letter het is? Begin dan links en schuif voor iedere punt of streep een regel naar rechts: naar onder voor een punt, naar boven voor een streep. Om de code "_ _ . ." te ontcijferen begin je dus bij 'T', ga je verder naar 'M', daarna naar de 'G' om tenslotte uit te komen bij 'Z'. De code "_ _ . ." staat dus voor de letter 'Z'.
  • Als je een morsesignaal wil zenden, zoek je eerst de letter in het schema. Vervolgens begin je start je bij het beginpunt van het schema en volg je met je vinger de weg om tot die letter te komen.

Morsekaart.jpg

Morsemolen[bewerken]

De molen is opgebouwd uit twee helften: één zijde beginnende met een punt en de andere zijde met een streep.

Om te achterhalen welke letter (of cijfer) zich achter een morsecode verbergt, begin je gewoon bij ofwel het punt of de streep en volg je dan de goede weg totdat je bij je juiste karakter uitkomt.

Voor "_ _ . ." begin je dus bij 'T', gaat verder naar 'M', daarna naar de 'G' om tenslotte uit te komen bij 'Z'. "_ _ . ." is dus gelijk aan de letter 'Z'.

Op onderstaande morsemolen hebben we ook de cijfers toegevoegd.

Morsemolen.gif

Morsetabel[bewerken]

Het systeem en opbouw van de Morsetabel is gelijkaardig aan de Morsemolen. Hoor of zie je een morsesignaal en je wil snel zoeken welke letter het is? Begin aan “Start” en schuif voor iedere punt of streep een regel naar beneden: links voor een punt, recht voor een streep.

Morse.jpg

Cijfers[bewerken]

De morsecodes voor cijfers bestaan steeds uit vijf tekens. Het principe is eenvoudig: de code voor nul bestaat uit vijf strepen. Voor de daaropvolgende cijfers wordt er telkens een streepje vervangen door een punt. Vanaf het cijfer vijf worden punten vooraan vervangen door strepen. Een overzicht:

0 — — — — —
1 · — — — —
2 · · — — —
3 · · · — —
4 · · · · —
5 · · · · ·
6 — · · · ·
7 — — · · ·
8 — — — · ·
9 — — — — ·
0 — — — — —

Troepsignalen[bewerken]

Op grote afstand – bijvoorbeeld op het kampterrein of tijdens een spel – is roepen niet altijd de beste manier om iets duidelijk te maken. Daarom gebruiken veel eenheden morsecodes om troepsignalen door te geven. Troepsignalen zijn afgesproken tekens om veelvoorkomende boodschappen op een kamp of tijdens een activiteit door te geven. Meestal worden hiervoor fluitsignalen gebruikt.

Enkele voorbeelden:

Aandacht Opgelet! Er volgt mogelijk een ander signaal!
Verzameling — — — — Iedereen verzamelt bij de signaalgever.
Patrouilleleid(st)ers/Kwartiermeesters P · — — · De PL's-kwartiermeesters verzamelen bij de signaalgever.
Ereraad · · · — De PL's & APL's of kwartiermeesters & bootsmannen verzamelen bij de signaalgever.
Foerage F · · — · Iemand van de patrouille gaat het eten halen bij de foeragetent.
Leiding L · — · · De leiding gaat naar de signaalgever.
Kantine K — · — Etenstijd!
EHBO H · · · · De EHBO-verantwoordelijke wordt gevraagd.
Inspectie I · · Klaarmaken voor inspectie, verzamelen voor je tent.
Stilte S · · · Iedereen zwijgt, niemand maakt nog lawaai.
Opstaan O — — — Tijd om op te staan!
Neerlaten van de vlag — — — —
SOS · · · — — — · · ·

Navo-alfabet[bewerken]

Het NAVO-alfabet is een spelalfabet (ook spellingsalfabet of telefoonalfabet genoemd). Een spelalfabet dient om mondelinge boodschappen duidelijk te kunnen spellen, ook bijvoorbeeld bij een zeer slechte telefoonverbinding. Het NAVO-alfabet is uitgevonden om de internationale samenwerking te bevorderen. De uitspraak van letters is namelijk in de verschillende talen anders. Daarom werden woorden gekozen waarover weinig verwarring kan ontstaan.

Letters[bewerken]

A Alpha
B Bravo
C Charlie
D Delta
E Echo
F Foxtrot
G Golf
H Hotel
I India
J Juliett
K Kilo
L Lima
M Mike
N November
O Oscar
P Papa
Q Quebec
R Romeo
S Sierra
T Tango
U Uniform
V Victor
W Whiskey
X X-ray
Y Yankee
Z Zulu

Cijfers[bewerken]

Voor de cijfers wordt de Engelse uitspraak gebruikt:

  • one (WAN)
  • two (TOEW)
  • three (TREE)
  • four (FOW-ER)
  • five (FAAIF)
  • six (SIKS)
  • seven (SE-VUN)
  • eight (EEIT)
  • nine (NAI-NER)
  • zero (ZIE-ROW)