Fop- en vertrouwensspelen

Uit FOSwiki


Oxo.png
Fop- en vertrouwenssspelen

Auteur: Kwikstaart (155e FOS De Feniks)
Tak(ken): Welpen - Jongverkenners
Type: klein spel

Spel:

VERTROUWEN



1) Geblinddoekt
verdeel de groep per 2, 1 geblinddoekt, de ander begeleidt hem door het parcours met enkel zijn/haar stem.

2) Rups
Een groep gaat achter elkaar op de grond zitten met de knieën licht opgetrokken. Iedere persoon pakt vervolgens de enkels van de persoon achter zich vast. Dan wordt het sein "lopen" gegeven. Synchroon zal de hele rij nu loopbewegingen moeten gaan maken: “Links handen en voeten naar voren, dan rechts handen en voeten naar voren, billen aanschuiven, enzovoort...” samenwerking strikt noodzakelijk dus.

3) Gewichtloos
Vorm een cirkel, 1 persoon in het midden. Ga allemaal goed dicht tegen elkaar staan met de schouders. De persoon in het midden moet zich nu gestrekt laten vallen en de cirkel moet hem opvangen en zachtjes doorgeven.

4) Uit Hang In
Alle spelers staan in een kring en pakken elkaars handen vast. De kring moet zo groot zijn dat de armen op schouderhoogte 'hangen'. Elke speler krijgt een nummer: 1 of 2. Tel nu tot 3 en op '3' gaan alle spelers met nummer 1 naar binnen hangen terwijl de spelers met 2 naar buiten gaan hangen. Voorzichtig en langzaam bewegen is hier het credo zodat het gewicht evenredig en gelijkmatig wordt verdeeld. De spelers moeten ook roepen als ze samenwerking eisen van hun buren.

5) Op grootmoeders schoot
maak een cirkel, draai allemaal een kwartslag naar links, zodat je tegen jouw buur zijn rug staat. Zorg dat je allemaal zeer dicht op elkaar gedrukt staat. Tel tot 3 en op 3 buig je door jouw knieën om te gaan zitten. Doe dit zeer rustig!

6) Vrije val
Zorg voor een goede verhoging zoals een 'bok'. Onderaan de kast zet je 8 kinderen tegenover elkaar. Laat ze gekruist elkaars handen vasthouden zodat er een stevig 'bedje' ontstaat (controleer dit als leiding). Vervolgens laat het het kind op de bok zich achterover vallen op het 'bedje'. Als leiding kun je aan de kopse kant gaan staan zodat je ten allen tijden het kind als back-up kunt opvangen.

7) Vierkant maken
geblinddoekt moet de groep een vierkant proberen maken

8) Buiklachen
iedereen gaat liggen met jouw hoofd op de buik van een ander. zorg dat er ook iemand op jouw buik ligt. Vertel nu een mop of begin spontaan te lachen. Je zal zien dat ook al vindt jet het niet grappig, je toch zal meelachen door de schokken in jouw buik.

9) Dead body
Lln liggen op de vloer, twee rijen met de hoofden naar elkaar. Voeten gericht in tegengestelde richting, schouders tegen mekaar en hoofd tussen de schouders... ‘The dead body’ is de lichtste persoon die gestrekt en strak met hoofd achterover op de uitgestrekte handen ligt. Ellebogen gebogen, handpalmen plat... doorgeven !

10) Mensenmuur
Alle kinderen staan op een rij en vormen een muur. Eén kind is geblinddoekt en staat zo’n 10 m van de mensenmuur met zijn gezicht naar de muur gericht. De geblinddoekte moet nu zo snel als hij durft op de muur aflopen. De mensenmuur zal hem wel tegenhouden en opvangen.

FOP



11) Gekruist
Hier is het aan te raden dat we allemaal op een stoel zitten. Je moet aan jouw buur een mes en vork doorgeven, jij moet zeggen hoe je het bestek doorgeeft: gekruist of evenredig? Nu gaat het hem er niet om hoe het bestek wordt doorgegeven, maar hoe de persoon zit die het bestek doorgeeft: Als hij zijn benen over elkaar legt, zegt hij: Ik Geef ze jou gekruist door. Als hij met zijn benen gestrekt zit, zegt hij: ik geef ze evenredig door, ookal kruisen de mes en vork elkaar.

12) De Piramide van Cheops
Je stuurt enkele kinderen naar buiten en bespreekt met de rest het volgende fopspel. Je zet een stoel in het midden van de zaal en roep 1 persoon naar binnen. Iemand vertelt hem: “Dit is de piramide van Cheops (wijzend naar de stoel), doe uw schoenen uit en spring erover.” Nu denkt hij dat hij zonder schoenen over de stoel moet springen, terwijl hij gewoon over zijn eigen schoenen moet springen. Zo kan hij wel eventjes bezig zijn.

13) De Psychiater
Opnieuw stuur je enkelen naar buiten en leg je het spelletje uit: de persoon die gaat binnen komen moet raden welke ziekte we hebben DMV vragen te stellen. Hij stelt aan iemand een vraag: “Welke kleur van ogen heb je?” Die eerste persoon heeft een willekeurig antwoord dat er niets mee te zien heeft. Aan de tweede vraagt hij: “Hoe noemt jouw hond?” Nu moet de tweede antwoorden op de vraag van de eerste en die zegt bv. Bruin. De derde krijgt een vraag en die antwoordt op de tweede: “Snuffel”... Doe zo voort tot de dokter raadt wat er aan de hand is.

14) Het land van Geni Geno
De leider zegt: ik ga naar het land van Geni Geno en neem mee: een dekentje. Nu mogen de kinderen verschillende voorwerpen zeggen dat ze willen meenemen op reis, maar er mag geen i of o in voorkomen. Want het land van geni geno is niet veel meer dan geen i, geen o. (Andere variaties: Nochernochie, Padi Pado)

15) Paranormaal begaafd / Zwarte Magie
Jouw collega is paranormaal begaafd. Door te voelen aan een stoel kan hij of zij weten op welke stoel er is gezeten. Ook al was het 2 seconden. De persoon is weggestuurd en een kind gaat op één van de vijf stoelen zitten. JIJ roept je collega terug. Het aantal woorden dat je gebruikt, geeft aan op welke stoel is gezeten. Bijvoorbeeld: Kom maar (stoel 2). Ja, je kan komen...(stoel 4). JIJ roept de persoon terug en je rekent van links van naar rechts.

16) Chinees uurwerk
De spelers zitten in de kring. De spelleider heeft twee stokjes in de handen, legt deze in het midden en zegt bv. het is twee uur. Daarna worden de stokjes anders gelegd en is het bijvoorbeeld 8 uur. Wie kan vinden hoe men in China de klok leest? Het uur is afhankelijk van het aantal vingers waarmee men de stokjes vast neemt!

17) Bomen veredelen
De spelers gaan in een kring op de grond zitten. De spelbegeleider gaat in de kring staan en legt uit : "Jullie zijn allemaal oude bomen, waarop bijna geen nieuwe en frisse takken meer groeien. Daarom is het nodig dat we jullie allemaal wat gaan veredelen. Veredelen wil zeggen : mooier maken, er jullie frisser doen uitzien." De spelbegeleider vraagt de spelers om recht te staan als echte bomen (in een cirkel), neemt wat jonge takjes, gaat buiten de cirkel staan en steekt in de kragen van de spelers een takje. Daarbij zegt hij: "Ik, de tuinman, veredel je". Op een bepaald moment reikt een helper van de tuinman hem ongezien een glas water aan. Eén ongelukkige boom krijgt dan voor hij het beseft een glas water in zijn kraag gekiept, in plaats van een takje.

18) Ik kus dit poppetje op...
De spelers staan in de kring en geven het popje door. Als ze het popje krijgen zeggen ze: "Ik kus dit poppetje op…" en vermelden duidelijk het lichaamsdeel. Daarna kussen ze het popje op dat lichaamsdeel en geven het door. Als iedereen aan de beurt is gekomen, geef je het 2de deel van de opdracht: "Kus je linkerbuurman op de plaats waar je het poppetje hebt gekust.

19) Moeder Koe
Er gaan twee mensen naar buiten (iemand die het spel niet kent en een tweede persoon die het spel wel kent). Binnen wordt verteld dat we moeder koe spelen. Moeder koe kan namelijk het luidst loeien van allemaal. Er wordt echter niemand aangesteld als moeder koe. We spreken af dat we drie maal loeien voor de eerste persoon en dat hij de derde keer het juiste antwoord weet (als we vragen wie moeder koe is). Dan zullen we hem/haar aanstellen als nieuwe moeder koe. Maar wij loeien maar 2 keer. Wat er dus op neer komt dat hij de derde keer alleen gaat loeien. Buiten (aan die twee personen) wordt verteld dat we moeder koe spelen en dat 1 speler van de groep moeder koe is. Die speler zal luider loeien dan de anderen. De eerste (onwetende) speler mag naar binnen komen. Hier zeggen we dat we iemand hebben aangeduid en dat het aan hem is om te zoeken wie moeder koe is. We zeggen ook dat we drie maal gaan loeien en na iedere keer mag hij al eens raden. De eerste keer raad hij (zogezegd) verkeerd, de tweede keer raad hij ook verkeerd en de derde keer weet hij wie moeder koe is (we zeggen hem gewoon dat hij/zij het juiste antwoord heeft geraden). Omdat hij/zij moeder koe gevonden heeft mag hij/zij voor het volgende spel moeder koe zijn (wat er op neer komt dat die persoon hard zijn best moet doen om luider dan de rest te loeien, want de tweede persoon moet proberen hem te raden). Nu komt de tweede persoon binnen. We zeggen opnieuw dat we een moeder koe gekozen hebben en dat wij drie keer zullen loeien. De eerste keer loeit iedereen mee en de (tweede) persoon raadt verkeerd, de tweede keer raad hij ook verkeerd, maar wanneer we de derde kaar gaan loeien hoort hij alleen de eerste persoon "meeeuuuh" roepen

20) Water drinken met gestrekte arm
Je vraagt een Chinese vrijwilliger en je geeft hem de opdracht een glas water te drinken met een gestrekte arm. (De bedoeling is om een glas water te drinken met je ene arm, terwijl je andere arm gestrekt is.)


Materiaal: zie verschillende spelen