Help Jules!

Uit FOSwiki





09 team.png

Auteur: Akela
Eenheid auteur: 155e De Feniks

Spelverloop:
== Sport & Spel-activiteit: Help Jules! ==

Uitleg:

Begin van het spel
In een doos zitten kaartjes met hierop de verschillende lichaamsdelen. Telkens mag iemand anders een kaartje trekken. (dit wordt bepaald door lichamelijke kenmerken, bijvoorbeeld: de kleinste, grootste, langste haar, kortste haar,…)
Er wordt een spelletje gespeeld in het thema van dit lichaamsdeel.

De ogen
a) Blinde jacht
Maak een kring met een doorsnede van enkele meters. De jager staat in het midden en is geblinddoekt. Hij draait een paar keer rond en gooit met de bal. Als de jager een speler heeft geraakt, wisselt die speler met de jager. Is het mis, dan gaat de jager gewoon verder. De spelers mogen zich bukken en de bal ontwijken, maar ze moeten op dezelfde plaats blijven staan. Als dit te moeilijk is, kan je vragen aan de spelers een geluid te maken.
MATERIAAL: bal
b) Blindemannetjes
De spelers vormen duo’s. (verdeelspelletje: rondlopen, fluiten, per 2 gaan staan) Eén van de twee is geblinddoekt, de andere niet. De spelers verspreiden zich op een afstand van elkaar. De begeleiders roepen instructies naar hun geblinddoekte partner om hen naar zich toe te leiden. (om het moeilijker te maken kan je obstakels zetten) MATERIAAL: geen (blinddoeken met sjaaltjes)

De oren
a) Brulmuur
Er worden 2 ploegjes gevormd. (verdeelspelletje: in een kring, 1 – 2, 1 – 2,…) De ene ploeg gaat op een lijn staan en vaardigt iemand af die aan de overkant gaat staan. De andere ploeg zet zich tussen deze 2 lijnen. De ploeg die op de lijn staat, krijgt een zin die ze moeten brullen, zodat de persoon die aan de andere kant staat, hem kan verstaan. De ploeg die in het midden staat, moet die verhinderen door zoveel mogelijk lawaai te maken. Hierna worden de rollen gewisseld.
MATERIAAL: geen
b) Stoelendans
geen uitleg nodig zeker ;-) ?
MATERIAAL: muziek en stoelen

De neus
a) Met je neus verven – pictionary
Iemand schildert iets met zijn of haar neus en de rest van de ploeg moet raden wat er geschilderd wordt. MATERIAAL: verf en papier

De mond
a) Suikerwafel-estafette
De groep wordt in 2 ploegen verdeeld. (dezelfde ploegen als daarstraks) Elke ploeg gaat op een rij staan. Tegenover hen hangt een suikerwafel aan een touwtje. Het is de bedoeling dat ze de wafel helemaal opeten, zonder hun handen te gebruiken. MATERIAAL: 2 suikerwafels aan een touwtje b) Zwoele Lisa
Iedereen staat op een rij aan een kant van het veld. De tikker, Zwoele Lisa, staat in het midden en heeft lippenstift op. Als de tikker het signaal geeft, mag iedereen overlopen. Als Zwoele Lisa je een kus kan geven, ben je aangetikt en word jij ook tikker. MATERIAAL: lippenstift
c) Kaart doorgeven
Iedereen gaat in een kring staan. 2 kinderen nemen een kaart tussen beide monden door te zuigen. Het is de bedoeling dat de kaart de kring helemaal rondgaat, als hij valt, begin je opnieuw. (zonder handen) MATERIAAL: speelkaarten

De benen
a) Dassenroof
Elke speler steekt zijn sjaaltje in zijn broek en zorgt dat er nog een lang deel zichtbaar blijft. Binnen de cirkel probeer je de sjaaltjes van de anderen af te pakken, zonder dat het jouwe wordt afgepakt. Anders val je uit het spel.
MATERIAAL: geen

b) Napoleon Napoleon
Iedereen gaat in een kring staan en 1 persoon loopt rond buiten de kring, terwijl de rest het liedje “Napoleon Napoleon” zingt. Die persoon stelt zich met uitgestrekte arm tussen 2 kinderen en die lopen rond de kring in tegenovergestelde richting. Als ze elkaar kruisen doen ze een bepaalde actie: j+j: buigen / m+m: buigen door de knieën / j+m: j heeft kus op het hand van m.
MATERIAAL: geen

De voeten
a) Schoenenparen vinden
Iedereen doet zijn schoenen uit en gooit ze op een hoop. De moni’s geven iedereen willekeurig 2 verschillende schoenen. Probeer nu zo te gaan staan dat je telkens de originele paren naast elkaar hebt. Als dit te gemakkelijk is, kan je dit doen door de ene helft te blinddoeken. MATERIAAL: geen

Het hoofd (hersenen)
a) Ren je rot
Er worden enkele quizvragen gesteld. Er zijn telkens 3 mogelijke antwoorden. De spelers lopen naar het vak waarvan ze denken dat het antwoord juist is. (A, B of C) MATERIAAL: quizvragen met telkens 3 mogelijke antwoorden (10)

De armen
a) Bombal
Er wordt een kring gevormd waarbij iedereen 1m van elkaar staat. In het midden zit iemand die gehurkt is en constant zegt: tiktak tiktak... Ondertussen wordt de “bom” doorgegeven (niet gooien!) en als de persoon in het midden stopt met aftellen, ontploft de bom. Wie hem op dat moment vastheeft is verloren en gaat zich op zijn buik op de grond leggen. Nu moet er over die persoon gesprongen worden.

MATERIAAL: bal

De buik
a) Lachsessie
Ga in een lange rij liggen: de eerste legt zich neer, de tweede legt zich met zijn of haar hoofd op de buik van de eerste,… Iemand vertelt een mop, en als er één begint te lachen, krijg je een kettingeffect.

MATERIAAL: geen


Einde van het spel
Wanneer het geraamte helemaal aangekleed is, is het spel ten einde. Als er nog tijd over is, kunnen de kinderen kiezen om een spelletje dat ze heel tof vonden (of iets dat er niet tussen zat) nog een keertje te spelen.

Benodigdheden:
- grote prent met een geraamte
- kaartjes met lichaamsdelen
- bal
- verf
- papier
- muziek
- speelkaarten
- linten (ongeveer 20)
- quizvragen:

1) Hoe heet het popje dat Wiske altijd bij haar houdt? (Schanulleke)
2) Welke club is geen voetbalclub: Cercle Brugge / AA Brugge / Club Brugge (2)
3) Hoe heet de zoon van Homer Simpson (Bart)
4) Hoe heet de opa van Mega Mindy? (Opa Fonkel)
5) Wat is de hoofdstad van Frankrijk? (Parijs)
6) Zonder welke grote ster zouden wij niet kunnen leven? (zon)
7) Hoe heet de vervelende buurvrouw van Big & Betsy? (Mevrouw Pruim)
8) Wat is de naam van de superheld die als een spin over muren kan klimmen? (Spiderman)
9) Wat is kaviaar? Een vogel / dierenuitwerpselen / visseneitjes (3)

10) Hoe heet de beroemde Italiaans kaas? Mozzarella / Mitadella / Maritella (1)


Geschikt voor: Bevers-Zeehonden,Welpen,
Soort activiteit: voor op het plein/op tocht,