Kinderdansen

Uit FOSwiki

- Je hebt hier, naast de “Kimberleuse trein” en de “Joegv” vier minder bekende kinderdansen.

- De dansen werden zodanig gekozen dat je de welpen ook het lied kan aanleren. Het is dus niet noodzakelijk dat je een platendraaier installeert om te dansen. Dansen kan je ook gewoon in een wei.

- Let wel, “’t Schip moet zeilen” is zeker de moeilijkste dans, leer je horde eerst de andere drie.

BINGO

Leeftijd : vanaf 6 jaar.

Opstelling : Een dans met paren. De jongens staan aan de binnenkant van de kring, de meisjes aan de buitenkant. De jongen geeft de rechterhand aan de linkerhand van het meisje.

Dans :

1. Promenade : 16 wandelpassen voorwaarts te beginnen met linkervoet. Handen los, de jongens doen een kwartdraai links en geven handen op schouderhoogte. Zij staan nu in een frontkring.

2. a. Jongenskring doet 16 huppassen naar links

b. Meisjes, handen in heupen – 16 huppassen naar rechts.
c. Jongens handen los, doen een kwartdraai rechts en geven rechterhand aan linkerhand van nieuwe partner.

3. Dans herbegint op “1”.

Aan te leren tekst

Een kleine hond zat op de stoep, hij luisterde naar Bingo, hij kwispelstaart als j’hem zo roept hij is nu onze Bingo, Tralalalala (4 x) B-I-N-G-O Wij houden zo van Bingo.

HOP MARJANNEKE

Leeftijd : vanaf 6 jaar

Opstelling : onbeperkt aantal paren in een kring, handen geven op schouderhoogte.

Dans

1. a. Twee hoppassen ter plaatse met voorzwaaien van het vrije been, beginnen op linkervoet.
b. Twee bijtrekpassen zijwaarts naar links.
c. Nogmaals 1 x 2

2.a. De paren gaan frontaal naar elkaar staan. De jongens doen dus een kwartdraai rechts, de meisjes een kwartdraai links. Handen in heupen.
b. Acht looppassen ter plaatse en het vrije been voorwaarts zwaaien.
c. De partners geven elkaar de handen en lopen rond in acht passen.

3. Herbeginnen van “1”.

Aan te leren tekst

Hop, Marjanneke, spelemanneke, laat de kinderkens dansen, hop, Marjanneke, spelemanneke, laat de kinderkens gaan. Hij wiegt het kind en hij roert de pap ) bis en hij laat zijn vrouwtje dansen. )

ANNEMARIE

Leeftijd : vanaf 6 jaar

Opstelling : onbepaald aantal paren met handen gegeven op schouderhoogte.

Dans

1. a. Vier wandelpassen, beginnen met linkervoet

b. Twee wiegelpassen :
  • linkervoet zijwaarts, rechtervoet voortippen
  • rechtervoet zijwaarts, linkervoet voortippen
c en d zie a en b

2. a. Jongens kwartdraai rechts, meisjes kwartdraai links

b. Klappen twee maten in eigen handen (bv. bij eerste strofe is dit op melken, melken)
c. Geven beide handen aan elkaar en gaan in vier wandelpassen halfrond waardoor ze van plaats verwisseld zijn.
d. zoals b
e. zoals c maar terug naar eigen plaats.

3. Herbeginnen “1”.

Tekst

1. Ik zou graag een koeiken kopen
Annemarie, Marie, Katrien
Wat ga je met dat koeiken doen
Annemarie, Marie, Katrien

Melken (bis) ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

2. Wat ga je met dat Melksken doen ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

Rijstpap maken (bis) ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

3. Hoe ga je dan die rijstpap maken ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

Met melk en rijst (bis) ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

4. Wat ga je met die rijstpap doen ) bis
Annemarie, Marie, Katrien )

Kermis houden kermis houden ) bis
Annemarie, Marie, katrien )

’T SCHIP MOET ZEILEN (plaat EP-K4)

Leeftijd : 10 jaar

Opstelling : onbeperkt aantal paren in een kring. Handen op schouderhoogte.

Dans (nieuwe vorm)

1. a. Vier bijtrekpassen zijwaarts naar rechts

b. met linkervoet tippen over rechtervoet
  • met rechtervoet tippen over linkervoet

2. Idem als “1”, maar naar links

3. a. De jongen doet een kwartdraai naar rechts, het meisje een kwartdraai naar links en het paar staat frontaal tegenover elkaar.

b. Een hoppas op linkervoet en rechterbeen voorzwaaien.

Terzelfdertijd met rechterhand tegen rechterhand van partner slaan.

  • Het zelfden maar nu linkerbeen voorzwaaien en met linkerhand slaan.
  • Met beide handen op dijen slaan, in eigen handen klappen, in elkaars handen klappen.
c. Nogmaals “b”.

4. a. De paren geven elkaar de handen en gaan een halve ronde naar rechts. Met een kwartdraai komt men tot frontkring.

b. *Meisjes : handen heupen en stampen 3 x – beginnen met rechtervoet.
  • Jongens : handen op dijen – klappen in eigen handen, knippen met de vingers.

5. Herbeginnen aan “1”.

Liedjestekst die je de kinderen kan aanleren

’t Schip moet zeilen, ‘ scheepje ligt aan wal (bis) We zeilen ja, we zeilen ja van een twee drie (bis) En al de scheepjes zeilen ja van een, twee drie.