Patrouillewerking bij VG's-juniors

Uit FOSwiki

Patrouillewerking is een exclusieve methode van FOS Open Scouting. Het is een systeem van teams, kleine groepen met verantwoordelijkheid naar leeftijd.

De leden van een tak worden onderverdeeld in verschillende teams/ patrouilles, alle patrouilles samen vormen dan de tak. Het prille begin van patrouillewerking ziet men soms al bij Bevers - Zeehonden (hoewel niet gangbaar), maar start pas grondig bij de Welpen (= nestwerking). Bij JVG - Aspiranten zijn de patrouilles een mijlpaal in de werking en bij de VG - Juniors draait de methode op een hoogtepunt. Bij de seniors is er geen sprake meer van patrouilles: seniorwerking is een groepsgebeuren. Ten slotte zie je patrouillewerking ook niet terug bij de leiding, hoewel, als je goed kijkt, zie je bij een leidersploeg en een seniorgroep meerdere aspecten van de methode terugkomen...

Bij de zeescouts spreekt men niet van patrouilles, maar van kwartieren. Indien mogelijk gaat men dan per kwartier het water op in kano’ s, vlotten, zeilboten, ...

waarom nu eigenlijk met die methode gaan werken?

teamwork

Met patrouillewerking willen we in de eerst plaats teamwork bevorderen: het leren samenwerken, samenleven in de groep. De meeste verkenners- juniors zijn bij hun overgang wel in staat om hun eigen potje te koken en een eigen tent recht te trekken. Evenwel is het nu de uitdaging om al die zaken samen tot een goed einde te brengen: samen op trektocht, samen geld inzamelen en een uitdagende middag- activiteit ineenboksen, samen heerlijk koken op kamp, ... Dit alles gebeurt binnen die kleine teams, in alle veiligheid. Natuurlijk werken ook al die patrouilles op hun beurt weer samen, zodat alles één mooi geheel vormt.

medebeheer en medeverantwoordelijkheid

Via patrouillewerking wordt niet enkel het samenwerken, samen zijn bevorderd, de verkenners- juniors gaan ook echt leren van elkaar en zullen elkaar helpen. Ze leren van elkaar door samen te doen, met vallen en opstaan. De oudste verkenners- juniors kennen hun weg en via het patrouillesysteem zullen ze ook gaan samenwerken met de jongeren uit hun patrouille, bruikbare ervaring wordt door de patrouilleleden zelf doorgegeven. Iedereen draagt zijn steentje bij, zo zal Sam misschien een goede kok zijn die zijn kennis door kan geven aan andere patrouilleleden.

Patrouillewerking kan ook een antwoord zijn op kliekjes: Men werkt sowieso met iedereen samen, het heeft vele voordelen en de beste vrienden en vriendinnen komt men even goed tegen tijdens de activiteit, ten slotte gebeurt niet alles in patrouilles, integendeel.

Verkenners- juniors zijn nu zelf verantwoordelijk voor het koken, het doen van de afwas, het proper leggen van het terrein/ lokaal, het ineensteken van een patrouille- activiteit, het beheren van de kas etc. Ze leren deze taken samen aan te pakken, of verdelen ze onderling of per patrouille: het nemen van verantwoordelijkheden, zelf zaken aanpakken en organiseren gaat steeds vlotter naarmate het einde van het kamp in zicht komt.

inspraak

Patrouillewerking bevordert de inspraak van verkenners- juniors. In de kleinere patrouilles kom je sneller van iedereen te weten wat ze vonden van de activiteiten, wat ze graag nog eens zouden willen doen, of, misschien kom je wel specifieke problemen te weten... Evaluatie gaat vlotter en het resultaat is vaak waardevoller als je het per patrouille doet, dan in grote groep. Bovendien hoeft dit heus niet altijd zo formeel te lopen; als leid(st)er op kamp eens gaan eten bij de Otters zal je niet alleen veel informatie opleveren over de gang van zaken in die patrouille, maar eveneens van het hele groepsgebeuren. Het is jouw verantwoordelijk als leid(st)er dan ook daadwerkelijk iets aan te vangen met de feedback van je verkenners- juniors.


Paradoxaal genoeg draagt het werken met patrouilles (= subgroepjes) dus bij aan de goede werking van gans de verkenner- juniorgroep!

Hoever je gaat met patrouillewerking bepaal je het best in samenspraak met de eenheid.

Patrouillewerking, meerdere mogelijkheden: Hoe je patrouilles organiseert, kies je zelf als eenheid en als VG- Juniorleiding. We geven in dit stukje een aantal mogelijkheden om dit te organiseren. Als algemeen aandachtspunt willen we wel meegeven dat patrouillewerking niet mag vervallen in een strikt hiërarchisch systeem waarin de ene verkenner- junior meer te zeggen heeft dan de andere.

werken met pl's

In de traditie van scouting is het zo dat patrouilles meestal iemand hebben die het aanspreekpunt is voor de patrouille: ook bij VG- Juniors noemen we dat een patrouille- leid(st)er (PL). Zo kunnen bepaalde taken die moeten worden uitgevoerd worden meegedeeld, en dan zorgt de patrouilleleid(st)er dat die worden uitgevoerd (hij/zij dient natuurlijk ook zelf te helpen). Als deze niet zijn uitgevoerd, hoeft de leiding maar 1 persoon aan te spreken. De PL zorgt er dan voor dat de taak als noch wordt uitgevoerd. Hierbij is het belangrijk dat de patrouilleleid(st)er niet als een tiran te werk gaat, maar evenmin het slaafje wordt van de patrouilleleden.

Naast de PL kan je binnen een patrouille met nog meer functies werken: De assistent patrouilleleid(st)er of APL kan je bijvoorbeeld laten instaan voor de opvang van nieuwe of overkomende leden. Hij/ zij staat ook in om de taak van de PL op zich te nemen bij diens afwezigheid. De penningmeester is verantwoordelijk voor het beheer van de patrouille- kas. VG- juniors zijn immers oud genoeg om dit zelf te doen, zei het in beperkte mate. Zo kan een patrouille bijvoorbeeld de kas eens spijzen door een wafelenbak. Met de opbrengst daarvan kunnen ze dan materiaal kopen voor de patrouille (gezelschapspelen, een goede messen- set voor op kamp, ...). De penningmeester bewaakt de goede boekhouding van de patrouille- kas. De materiaalmeester draagt de verantwoordelijkheid voor het patrouille- materiaal. Je kunt het lokaal bijvoorbeeld opfleuren door elke patrouille een eigen patrouillehoek te laten ontwerpen en uitbouwen. Daarbij kunnen alle patrouilles bijvoorbeeld ook beschikken over een patrouillekoffer en een logboek... De secretaris is verantwoordelijk voor dit logboek. Elke patrouille kan beschikken over zo een eigen schrift/ boek. Zo’ n logboek kan van alles en nog wat omvatten. Je kunt er, naast het bijhouden van de aanwezigheden, ook ideeën inpennen en verder uitwerken. Ideeën over wat te doen op een patrouillevergadering, de inrichting van de patrouillehoek in het lokaal en op kamp, logo’ s en namen voor de patrouille, lijfspreuken, kreten etc. Het logboek kan ook een handig evaluatie- instrument zijn.

Ongetwijfeld zijn er nog andere functies die kunnen verdeeld worden onder de patrouille- leden. Evenwel is het niet de bedoeling functies te creeëren opdat elk patrouille- lid er een heeft. Schijnfuncties, of functies die weinig om het lijf hebben kan je maar beter vermijden. Bij patrouillewerking gaat het hem immers niet om de functies, maar om teambuilding, het nemen van verantwoordelijkheid, inspraak enz. Een strikt hiërarchisch systeem zal helemaal niet tot bovenstaande leiden, integendeel, het versterkt onderlinge concurrentie, tiranniek gedrag en kan leiden tot een slechte patrouille- en groepssfeer.

Daarom is het nodig om dit proces zeer goed op te volgen als leiding. Regelmatige evaluatie van het patrouillesysteem is dus de boodschap.


tweede- derdejaarswerking

Een andere optie is om te werken met een meer uitgebouwde tweede –of derdejaarswerking. Dit zijn voor alle duidelijkheid de VG- Juniors die in het laatste jaar van de tak zitten. Zij krijgen allemaal in dat laatste jaar wat extra verantwoordelijkheid binnen de patrouilles. Zij dienen als aanspreekpunt en leren gezamenlijk de patrouille aan te sturen. Op die manier krijgt elke Verkenner- Junior vroeg of laat de kans op extra verantwoordelijkheid.

Zo’ n werking kan je tot slot ook gebruiken als een extra middel binnen de tak: Denk maar aan een kampvuurmoment waarbij de oudsten de activiteiten en hun bevindingen binnen de patrouille kunnen evalueren (zie ook ere- raad).

Het systeem stimuleert het nemen van verantwoordelijkheden op alle niveaus. Iedereen binnen de patrouille is immers evenwaardig en de oudste VG- Juniors staan samen in voor het vlotte verloop. Er is dus geen sprake van functies, alle leden van de patrouille staan in voor de goede werking van hun patrouille. Minder gevaren dus voor een te stringente hiërarchie of tirraniek gedrag. Bovendien zal je binnen je verkenners- juniors ontdekken wie het informele leiderschap opneemt, wie de doeners en dromers zijn enz. Dit op een geheel natuurlijke wijze. Het kan de dynamiek van de patrouille en de ganse VG- Juniorgroep ten goede komen, maar even goed kan dit fout gaan. Een ander gevaar is dat patrouilleleden hun verantwoordelijkheden gaan ontlopen en dat er van een goede patrouillewerking helemaal geen sprake is, mits er gewoon niets gebeurt. Dit kan omdat bijvoorbeeld iedereen een afwachtende houding aanneemt... Ook bij dit systeem is een goede begeleiding (en dus regelmatig evalueren) noodzakelijk.

de patrouilles indelen

Vaste of wisselende patrouilles? Hoe je juist patrouillewerking in je takwerking integreert, hangt meestal af van eenheid tot eenheid. Hieronder lees je de drie meest gehanteerde manieren.

Vaste patrouilles door de jaren heen

Een eerste manier bestaat er in de bestaande patrouilles te behouden en deze aan te vullen met eerstejaars en nieuwelingen. Het voordeel van dit systeem is dat je aan intensieve teambuilding kunt doen en de patrouilleleden elkaar “echt” leren kennen. Als je dit systeem toepast moet je echter voldoende flexibel zijn en wijzigingen toelaten indien nodig. Als leden zich niet goed voelen of als er conflicten zijn moet je durven ingrijpen als leiding.

Wisselende patrouilles tijdens het jaar

Een andere manier is om doorheen het jaar met wisselende groepjes te werken. Meerdere keren per jaar herschik je dus de groepjes. Hierbij is het moeilijker om aan teambuilding te doen en elkaar te leren kennen in kleine groepjes, wat vooral in grotere eenheden tot een probleem kan leiden. Voor kleinere eenheden kan dit echter wel een interessant alternatief zijn, waarbij je ook als leiding volledige flexibiliteit hebt.

Een patrouille per jaar

De derde en laatste manier is je patrouilles jaarlijks opnieuw indelen, aangepast aan de noden van je tak. Ook hier moet je steeds flexibel blijven: grote conflicten of vetes die niet uitgepraat geraken mag je niet laten verzuren, net zoals een patrouille van twee leden op kamp ook niet bepaald functioneel is. Een niet altijd even eenvoudige evenwichtsoefening dus, aan jou als leid(st)er hiermee goed om te springen...


de indeling van de verschillende patrouilles

Net zoals er bij Welpen en JVG- Aspiranten veel discussie is over wie in welk nest/ patrouille zit en wie te samen met welke vriendjes en vriendinnetjes zit, is dit ook vaak het geval bij Verkenners- Juniors. Als leiding sta je hierbij middenin. Bovendien willen ook de ouders soms graag hun woordje daarover kwijt aan de leiding. Een hele uidaging, met andere woorden…

Een goede indeling is cruciaal voor het vlotte verloop van de patrouillewerking. Vanzelfsprekend houdt je als leiding bewust rekening met een aantal aspecten tijdens de indeling:

  • Gun de Verkenners- juniors eerst de tijd om elkaar wat beter te leren kennen. Je begint dus best niet met patrouillewerking bij aanvang van een scoutsjaar, maar eerder een maand later. Zo wordt het ook voor jou eenvoudiger te zien waar de verschillende vriendjesgroepen zitten, wie over welke capaciteiten en mogelijkheden beschikt, waar er mogelijke knelpunten zijn enz. Een goede tip hierbij is eens een babbeltje te slaan met de leiding van de JVG- Aspiranten. Ze kennen de overgangers immers goed en kunnen misschien wel waardevolle raadgevers zijn. Let natuurlijk wel op dat elke verkenner- junior het jaar kan aanvangen zonder noemenswaardige vooroordelen bij de leidersploeg.
  • Een goede mix van alle leeftijden, karakters en geslachten is heel belangrijk, voor elke patrouille is een evenwichtige samenstelling topprioriteit! Als pakweg alle bollebozen of de minder sportieve verkenners- juniors bijeen zitten is de kans op een populariteitsstrijd groot, en daar kan je takwerking enkel maar onder lijden.
  • Alle vrienden en vriendinnen uiteen halen lijkt soms logisch om die diversiteit te bekomen en om vriendenkliekjes tegen te gaan, maar geen enkele verkenner- junior zal hiermee gelukkig zijn. Iedereen heeft immers wel graag iemand bij zich waarbij hij/ zij zich goed bij voelt.
  • ...

wie gaat nu die patrouilles eindelijk indelen?

Ook hierbij zijn meerdere mogelijkheden: Je kan als leidersploeg zelf beslissen over de indeling. Dit gaat meestal het vlotst, maar is vaak ook uit gemakzucht. Bovendien is inspraak één van de sleutelwoorden bij VG- Juniorwerking. Ze vragen er niet alleen achter, ze zijn ook oud genoeg om over dergelijke materie mee te beslissen, dit uiteraard onder begeleiding. Een andere optie is om je verkenners- juniors volledig carte blanche te geven bij de patrouille- indeling. Hoewel hierbij veel inspraak wordt gegeven, zal dit meestal verzanden tot eindeloze discussies waarbij enkel de grootste monden hun slag thuis halen (ten nadele van ...). De kans op chaos, kliekjesvorming en pestgedrag is hier groot, en als leid(st)er heb je maar weinig controle. De meest efficiënte en verstandige indeling is die, waarbij de beslissing gezamelijk genomen wordt. Waarbij elke verkenner- junior en leid(st)er zijn/ haar zegje kan doen. Het voordeel erbij is dat het inspraak garandeert van iedereen en dat de eindbeslissing zal worden gedragen door de gehele tak. Het nadeel hierbij is dat het een tijdsrovende bezigheid kan worden...

Om dit te counteren lees je hieronder een methodiek om de patrouilles in te delen:

Tweede- of derdejaars weekend, een goed idee om met patrouillewerking van start te gaan… Zo een weekend plan je het best na de aanvang van het scoutsjaar (b.v. begin oktober). Het is een weekend waarop enkel de oudste Verkenners- Juniors aanwezig zijn. Er wordt beslist over het te gebruiken patrouillesysteem het komende jaar. Ook kan er gekeken worden hoe men het systeem zal invullen en hoe men de patrouilles zal indelen.

Vanzelfsprekend hoeft niet het ganse weekend rond patrouillewerking te draaien: maak gerust de tijd voor leuke teambuildende activiteiten, het maken van afspraken, vrije tijd, actie, bezinning, enz...

VOORBEELD
De oudst verkenners van het 666e FOS De Tasmaanse Duivels trekken op weekend. De eerste avond bekijken ze een film die gaat over zaken als kennismaking, grenzen verleggen, verschillende persoonlijkheden, samen werken, openheid en dergelijke meer. Uiteraard volgt een bondige nabespreking. De volgende ochtend werd hen een brokje theorie gevoerd over patrouillewerking (zie hierboven). Dit natuurlijk op een luchtige manier en op maat van de verkenners.

Na de bespreking van de verschillende systemen om aan patrouillewerking te doen werden de pro’ s en contra’ s op een rijtje gezet. Iedereen komt aan het woord en na een lange discussie is iedereen het meer dan eens: Er wordt geopteerd om met vaststaande patrouilles doorheen het scoutsjaar te werken. Elke patrouille heeft zijn of haar PL en APL.

Na het middageten staan de 10 verkenners voor de uitdagende opdracht om onderling uit te maken wie PL en APL wordt van de vijf patrouilles. Hiervoor krijgen ze ruim de tijd en af en toe volgt een terugkoppeling met de leiding. Uiteindelijk kloppen ze aan bij de leiding (die uiteraard niet stil hebben gezeten en dezelfde oefening hebben gemaakt) om hun voorstel uit de doeken te doen. Als bij wonder zijn beide voorstellen nogal gelijklopend, maar toch gaan beide partijen nog even uiteen om wat extra denk -en bezinningswerk te doen.

Rond 16h00 is de kogel door de kerk; de vijf patrouilles zijn voorzien van kersverse PL’ s en APL’ s. Bovendien zijn de verkenners zelf uitermate tevreden over de keuzes en ook de leiding ziet het zo volledig zitten. Na al dit denkwerk is het overigens hoog tijd om wat frisse lucht te scheppen en enkele kleinere leuke spelletjes te spelen. Zo moeten de 10 verkenners allen samen op 8 stoelen gaan staan (bij elkaar opgesteld). Deze stoelenrij vormt de ‘Titanic’ die keer op keer een ander ongeluk krijgt op zee (aanval van orka’ s, onweer, aanvaring met andere boot en ijsmassa, …) waardoor een deel van het schip (in dit geval dus een stoel) vergaat. Het duurt niet lang eer de 10 verkenners op slechts 4 stoelen staan en bij een volgende aanvaring vergaat de Titanic en vallen alle verkenners lachend in het zand.

Ook het avondeten verloopt in een ontspannen, vrolijke sfeer en na de afwas en het uitbundige handdoekengevecht zetten ze zich samen met de leiding rond tafel en debatteren een hele poos over de verantwoordelijkheden van PL’ s, APL’ s en de oudste verkenners in het algemeen. Na een samenvatting van die verantwoordelijkheden is het tijd voor een korte wandeling. Impala, een leidster die uitstekend kan vertellen stapt mee, terwijl de twee andere leiding van de afwezigheid profiteren om een kampvuur aan te maken en een vierde maaltijd te voorzien als verassing. Uiteraard heeft Impala enkele griezelverhalen verteld en teruggekomen volgen er nog veel meer rond het kampvuur. De verkenners zijn blij met de ‘surprise- frietjes’ en beginnen ronduit hun mening over het weekend te vertellen. Ook oudere herinneringen komen boven en niet lang daarna nemen Ilse en Jelle de gitaar ter hand en volgen de succesnummers elkaar snel op. Het is ruim na middernacht eer de verkenners allemaal gaan ‘slapen’. De leiding geniet nog na van het smeulende vuurtje en evalueert de dag. Bovendien overlopen ze het programma van de volgende dag nog even. Ze sluiten de takraad af met een rondje varia.

De volgende ochtend wordt er, na de hilarische ochtendgymnastiek en het ontbijt, verder gedaan met de patrouille- indeling. De leiding doet een woordje uitleg over de aspecten waarmee men rekening dient te houden bij de indeling van patrouilles. Daar de verkenners hun jongere collega’ s het best kennen gebeurt die verdeling ook samen met hen, dit uiteraard in een veilig klimaat, waarbij zo veel mogelijk tegemoet wordt gekomen aan de wensen en noden van de jongere verkenners.

Omstreeks 11h die ochtend is de verdeling rond en krijgen de verkenners de opdracht om samen met de leiding een spel uit te werken voor de activiteit van de week erop. Doel van het spel is dat alle verkenners op een ludieke, speelse manier te weten komen hoeveel patrouilles er zijn en wie in welke patrouille samen zit met wie. Ook na het middageten wordt er verder gewerkt aan het spel. Tegen het vieruurtje is het spel volledig af (ook voor de leiding) en kan de opkuis beginnen. Op de trein richting huis wordt het voorbije weekend nog geëvalueerd en eens toegekomen volgt het afscheid. Hoewel de verkenners het een inspannend weekend vonden hebben ze veel bijgeleerd, een goede patrouille- indeling gemaakt, een leuk spel hiertoe ontwikkelt en last, but certainly not least, ze hebben zich voortreffelijk geamuseerd!


patrouille activiteiten

symbolen van de patrouille

Elke patrouille heeft vanzelfsprekend een naam. Daaraan gekoppeld kan elke patrouille een aantal symbolen maken die hun patrouille herkenbaar maken, zoals bijvoorbeeld de patrouillevlag, patrouillelinten, een patrouilleschild, de patrouillekreet, een patrouilledier enz. Ook in al die zaken kan je de Verkenners- Juniors inspraak geven. Elke patrouille doet dan een brainstorm over hun patrouillenaam (veelal een dierennaam) met de daaraan gekoppelde patrouillekreet. Zo krijg je leuke combinaties zoals otters- duik, leeuwen- brul, honden- blaf en dergelijke meer. Later kunnen ze een eigen patrouillevlag (schild) ontwerpen met daarop hun patrouilledier en andere zelf gevonden patrouillesymbolen.

Hierbij toch even opmerken dat al deze symbolen dienen als herkenbaarheid en teambevorderend kunnen werken. Het mag niet de bedoeling zijn dat al die symbolen leiden tot een patrouillestrijd. Hetzelfde kan gezegd worden over mogelijke functiesymbolen. Zo kunnen bijvoorbeeld PL’ s zich herkenbaar maken via PL- lintjes, wat op zich geen probleem vormt, zolang het geen ultra competitieve bedoening wordt.

Al deze symboliek en patrouillevoorwerpen kunnen hun plaats vinden in de eigen patrouillehoek…

Inrichten van patrouillehoek in het lokaal en op kamp Eens de patrouille- indeling gekend is, kan elke patrouille aan de slag. Zo kan het een leuk idee zijn dat elke patrouille een aantal middelen en de tijd krijgt om in het lokaal een eigen patrouillehoek in te richten. Een kast, stoelen, zetels, een tafeltje zijn eenvoudig te verkrijgen of kunnen ze zelf maken. Ook de patrouillekoffer met nuttig (kamp)materiaal (stiften, kookpotten, bestek, papier, gezelschapsspelen, …) kan er zijn plaats krijgen. Vanzelfsprekend mogen ze zich uitleven met verven en tekeningen maken. In deze patrouillehoek is er vanzelfsprekend ook plaats voor de specifieke patrouillesymbolen (vlag, dierentekening enz.)

Ook op kamp kan elke patrouille zijn eigen hoek hebben. Elke patrouille beschikt bijvoorbeeld over een zelfgemaakte shelter, met daarbij een tafel en tafelvuur die ze ook zelf moeten maken. In die patrouillehoek staat dan al het kampmateriaal van de patrouille (kookgerei, zelf gesprokkeld hout, de patrouillekoffer, …). Zo gebeurt het eten, de afwas, de opkuis etc. op kamp dan per patrouille. Ook het slapen kan per patrouille, waarbij alle patrouilleleden dan samen liggen in hun patrouilletent. Patrouillewerking op en top dus.

patrouille- activiteit

Gedurende het scoutsjaar kan je eens (of meerdere keren) een patrouille- activiteit inlassen in het programma. Concreet wil dit zeggen dat elke patrouille voor zichzelf een vergadering ineen steekt. Zo kan een patrouille een teambuildende activiteit voor zichzelf maken, of een car- wash inrichten om de patrouille- kas wat te spijzen, terwijl nog een andere patrouille samen pizza’ s maken bij een patrouillelid thuis om ze vervolgens op te eten bij een spannende film.

Een ander idee kan zijn dat elke patrouille gedurende het jaar eenmaal een activiteit organiseert voor de gehele Verkenner- Juniortak. Zo kunnen de bizons een sluipspel verzorgen op het paaskamp, de leeuwen een crea- activiteit ineen steken naar aanloop van het zomerkamp. De panters richten dan weer samen met de leiding het jaarlijkse kerstfeestje enz.

Vanzelfsprekend worden beide activiteiten goed opgevolgd door de leiding. Niet alleen op de activiteit zelf, maar ook in de voorbereiding en de evaluatie speelt de leidersploeg een belangrijke rol. Ze dienen op elk moment op de hoogte te zijn van wat er wanneer gebeurd. Bijsturing, feedback en inhoudelijke input zullen vast en zeker nodig zijn…


PL- dag (of ouderendag) op kamp

Dit idee bestaat erin dat de oudste verkenners- juniors op het zomerkamp voor een dag de taken van de leiding waarneemt. De leiding sluit zich op hun beurt aan bij de verschillende patrouilles. De bedoeling van die dag is dus dat de oudste VG- juniors een kampdagje plannen voor hun jongere soortgenoten. Uiteraard krijgen ze hiervoor ruim de tijd om die kampdag (die bijvoorbeeld duurt van na de vlaggengroet tot en de ere- raad ’s avonds) voor te bereiden. Eventueel kunnen die voorbereidingen al starten voor het zomerkamp. Hierbij is het belangrijk dat ze goed worden bijgestaan door de leiding, zowel in de voorbereidingen, de dag zelf, als bij de evaluatie. Hoewel de leiding voor één dag terug verkenner- junior speelt, zijn ze dus zeker niet ontslagen van hun leiderstaken, integendeel.

Evaluatie

Het belang van evaluatie bij verkenners- juniors valt niet te onderschatten. Door regelmatig goed te evalueren kan je je werking alleen maar optimaliseren. Het leert je misschien ook veel over de processen die binnen de groep aan de gang zijn. Via evaluatie en feedback kan je inspraak geven aan je VG- Juniors, iets wat ze ook echt willen. Bovendien zal je door regelmatige evaluaties een goed zicht krijgen op de Verkenner- Juniorgroep. Je kan dan ook veel gerichter en bewuster te werk gaan.

Zoals eerder vermeld kan je heel goed en doelgericht gaan evalueren indien je dit per patrouille aanpakt: Je werkt immers binnen kleinere groepjes wat de kans op eerlijkere en waardevolle feedback verhoogt. Bovendien zal je merken dat ook de ‘stillere’ verkenners- juniors op die manier eveneens hun gerieven kwijt kunnen.

Over informele evaluatie hadden we het al, maar ook formele evaluatie met je patrouille of met de gehele tak is mogelijk: Hieronder vind je enkele voorbeelden van evaluatietechnieken die je misschien kan gebruiken bij je Verkenners- Juniors.

Ereraad (of oudsten-raad)

Dit is een moment waar je als leiding even de tijd neemt om wat zaken terug te koppelen met de oudste verkenners- juniors. Zulke momenten zijn zeker en vast geschikt wanneer je kiest voor het systeem van tweede of- derdejaarswerking binnen patrouillewerking. Het is een moment van evaluatie en inspraakmogelijkheid. Zo kan je bijvoorbeeld op kamp, voor het slapengaan, bij een kampvuur de dag kort evalueren. Even goed kan je eens vooruitblikken, het over mogelijke kleine en grote problemen hebben, de patrouilles eens overlopen enz. Ook gedurende het scoutsjaar kun je een aantal keren een ere- raad houden, bijvoorbeeld ter evaluatie van de verschillende patrouilles.

Evaluatie aan de hand van muziekgenres

Hiervoor baken je een aantal zones af. De zones staan voor verschillende, uiteenlopende muzieksoorten (house, grunge, techno, klassiek, Vlaamse slagers, drum ’n base, kleinkunst, …). De enen verkenner- junior houdt van dit genre, terwijl anderen het verafschuwen en dol zijn van andere muzieksoorten.

Op de vraag wat ze van het eten vonden kan Amber (die het bijzonder lekker vond) zich dan opstellen in de ‘grunge- zone’ (waar ze uiteraard ook hoog mee oploopt). In diezelfde zone heeft ook Hendrik plaats genomen: hij heeft het niet echt voorzien op grunge omdat hij het nogal ruige, harde muziek vindt. Het eten vond hij doorgaans veel te taai, niet verfijnd etc., vandaar zijn keuze.


Evalueren heeft slechts zin als je er achteraf ook iets mee aanvangt, de resultaten ervan in rekening brengt en dit blijft doen. Indien je dit niet doet verlies je eigenlijk alleen maar tijd en ook je Verkenners- Juniors zullen het niet in dank afnemen wanneer je hen inspraakmogelijkheden gunt en dan zonder reden geheel het tegenoverstaande doet van hun advies. Dit wil natuurlijk ook niet zeggen dat je als leid(st)er slaafs hun ideeën moet opvolgen.