Sessie Didactisch model - Markhoor

Uit FOSwiki




06 boy.png
07 girl.png
Sessie Didactisch model

Auteur: onbekend
Jaar: onbekend
Doelgroep: alle

Duur van de sessie: onbekend

Aantal deelnemers: onbekend


Doelstelling(en):



Wat.png

Onderwerp: Doelstelling

• Cursisten hebben inzicht in de basiselementen om een sessie op te bouwen

• Cursisten kunnen de basiselementen van het didactisch model toepassen op een sessiesituatie.



UITWERKING:


Sessieverloop

Didactisch model wordt overlopen, en de verschillende onderdelen worden uitgelegd. Elk onderdeel wordt gekoppeld aan de sessie die op dat moment plaatsvindt. Telkens wordt dit gekoppeld aan een korte toepassing.

1. Beginsituatie

(brainstorm) 15’

We formuleren gedetailleerd de beginsituatie van de IC op dit moment.

Cursisten

- Veel leiding van dezelfde eenheid

- Veel leiding van dezelfde tak

- Een aantal ‘oudere’ leiding

- Veel of weinig cursisten

- Voorgeschiedenis

- Andere activiteiten

Omgeving

- Veel of weinig plaats

- Uur van de dag

- Omgevingstemperatuur

Hetzelfde maar in mindere mate wordt gedaan voor de animatorcursus 10’

2. Doelstellingen

20’

Er worden een aantal doelstellingen geformuleerd rond een bepaald onderwerp. Op basis hiervan halen we er een aantal zaken uit die voor een doelstelling belangrijk zijn:

• Een gedragscomponent

Hiervoor best een actief werkwoord gebruiken:

PRODUCT: beschrijven, opnoemen, bouwen, tekenen, vergelijken, uitbeelden, berekenen, verzamelen, schatten, meten, spreken, opzoeken, onderscheiden, gebruiken, weglaten, berekenen, herleiden, ordenen, verantwoorden, invullen, groeperen, verwoorden...

PROCES: experimenteren, onderzoeken, ervaren, discussiëren, bespreken, oriënteren..

• Een inhoudscomponent

Wat is de inhoud die je tijdens je sessie wil meegeven?

• Een didactisch component

Deze component slaat op de didactische context die aan de gedrags- of handelingscomponent en inhoudscomponent kan worden toegevoegd. Het vermelden van de didactische component geeft een betere precisering van de omstandigheden waaronder het onderwijsdoel moet bereikt worden. Deze component kan slaan op het pedagogisch klimaat (bv. ), de leer- en hulpmiddelen, de werkvormen, de organisatie ...

In de didactische component kunnen de mimimumprestatie aangeduid worden met een criterium: een tijdslimiet (bv. gedurende 15 minuten), de graad van nauwkeurigheid, aantal of percentage ...

Doelstellingen over wat we toe nu toe gedaan hebben in de sessie.

We gebruiken een eenvoudigere versie van het didactisch model

3. Toepassing en didactische principes en methodieken

De cursisten krijgen elk een methodiek en een didactisch principe. Hiermee gaan ze aan de slag. Ze kiezen zelf een inhoud.

1. Collagevorm – herhalingsprincipe

2. Rollenspel - aanschouwlijkheid

3. Doceren - aanschouwlijkheid

4. Demonsteren - herhalen

5. Vertellen - activiteitsprincipe

6. Opdracht - werkelijkheidsnabijheid

7. Probleemoplossend – redenering samen opbouwen. - individualiseren

8. Kringgesprek - doelgericht

9. Discussie – stellingen - continuïteitsprincipe

10. Incidentmethode - interactie

11. Leerspel – werkelijkheidnabijheid.

Vervolgens krijgen de cursisten de opdracht om op basis van een algemeen thema (fos-piramide) een drietal concrete doelstellingen te formuleren die ze kunnen bereiken in de duur van één sessie.

Deze doelstelling worden allemaal opgelijst. De cursisten beoordelen zelf elkaars doelstelling. Uiteindelijk worden er een twee à drie doelstellingen gekozen die bij elkaar aansluiten waarop we verder zullen werken.

3. LEERINHOUDEN - DIDACTISCHE COMPONENTEN - DIDACTISCHE WERKVORMEN

De verschillende principes worden uitgelegd en concreet gemaakt met voorbeelden. Zie schema, een aantal principes kiezen.

o Aanschouwelijkheidprincipe: via waarneming, gezicht, gehoor, …

o Activiteitsprincipe: cursisten zijn actieve informatieverwerkers

o Belangstellingsprincipe: interesse hebben in de situatie, je bevindt je er in.

o Continuïteitsprincipe: aansluiten (elaboreren)

o Herhalingsprincipe

MATERIAAL: