Bijl: verschil tussen versies

Uit FOSwiki

k (Opruimen & onderhoud)
 
Regel 31: Regel 31:
  
  
[[Categorie:Scoutstechnieken]]
+
[[Categorie:Werkmateriaal]]

Huidige versie van 2 feb 2011 om 14:51

Terug naar de pagina Werkmateriaal.

Er bestaan verschillende soorten bijlen in verschillende groottes en prijsklassen. Grote bijlen zijn enkel geschikt voor volwassenen. Je gebruikt dus best enkel een handbijl. Een handbijl kan je bijvoorbeeld gebruiken om takken van een dode stam te hakken, hout te klieven voor het kampvuur of om een punt aan een balk te hakken.

Een geschikte handbijl herken je aan de volgende eigenschappen:

  • Op het punt waar de steel in het blad gaat, moet de bijl in evenwicht op je vinger kunnen blijven liggen.
  • Een steel met een dubbele buiging vangt de weerslag van je slagen beter op.
  • De snee moet licht gerond zijn.
  • De steel van een bijl moet van een geschikte houtsoort zijn, zoals essenhout. Deze houtsoort is veerkrachtig en taai en kan tegen een stootje. De nerven van de steel moeten evenwijdig met de lengterichting van de steel lopen. Op de plaats waar de nerven uit de steel lopen, zal deze namelijk het gemakkelijkst splijten.
  • De bijlkop moet stevig op de steel zitten. Een wig (of spie) zorgt ervoor dat het blad stevig op de steel zit.
  • Het uiteinde van de steel moet breder en plat zijn. Op die manier kan je de bijlkop door middel van zijn eigen gewicht aanstampen op de steel, zonder dat de steel splijt. Dit gedeelte noemen we de ‘hondenpoot’.

Gebruik & veiligheid

  • Het is altijd mogelijk dat je bijl mist of afketst en je voet raakt. Doe daarom altijd stevige schoenen aan als je een bijl gebruikt!
  • Hou ook rekening met de mogelijkheid dat de bijl uit je handen vliegt of dat het blad loskomt van de steel. Bewaar rondom je daarom steeds enkele meters vrije ruimte, zodat er nooit iemand vlak voor, achter of naast je staat. Hakken doe je dus best op een afgesloten hakplaats.
  • Het hout dat je wil hakken, moet steeds stevig en stabiel liggen. Daarom gebruik je best een hakblok. Controleer voor je begint te hakken of het hakblok stabiel ligt en of je hout er stevig op ligt.
  • Hak steeds op de plaats waar het hout op het steunpunt rust, anders kan het hout wegveren of je bijl afketsen.
  • Gebruik een bijl enkel waarvoor ze bedoeld is. Gebruik de bijl dus nooit als hamer of een ander werktuig.
  • Ga in spreidstand staan en buig een beetje door je knieën. Op die manier sta je stevig en kan de bijl tussen je benen door zwaaien als je het hout mist.
  • Je hoeft geen kracht te zetten op een bijl. Hef de bijl op en laat hem gewoon naar beneden zwaaien. De zwaartekracht doet het werk voor jou. Jij moet de bijl enkel sturen. Hou de bijl liefst met één hand vast.
  • Hak niet loodrecht op het hout, maar onder een hoek van 45°. Hak met regelmatige slagen en steeds wisselend van links naar rechts. Je slaat dus eenmaal schuin naar links in het hout en vervolgens eenmaal schuin naar rechts. Daardoor ontstaat een 'wig' of 'v-vorm’ in het hout waaruit spaanders gemakkelijk afgevoerd kunnen worden.
  • Om de takken van een dode boom af te hakken, ga je steeds aan de andere kant van de boomstam staan. Op die manier vormt de boom een bescherming tussen jezelf en de bijl. Hak de takken steeds vanaf de buitenkant af, niet vanaf de binnenkant van de vork.
  • Een bijl draag je steeds met de snee naar voor en je hand over de bijlkop.
  • Een bijl geef je door met de snee naar boven en de bijlkop naar de ontvanger. De ontvanger neemt de bijl aan door de onderkant van de bijlkop vast te nemen. Geeft nooit een bijl door met de steel naar de ontvanger. Als de ontvanger het gewicht van de bijl verkeerd inschat, kan de bijlkop immers met een zwaaibeweging tegen de knieschijf van de ontvanger belanden.

Opruimen & onderhoud

  • Laat een bijl niet rondslingeren, maar berg ze na gebruik onmiddellijk terug op.
  • Steek het blad van de bijl nooit in de grond, anders gaat het roesten en wordt het bot.
  • Veeg na gebruik de bijlkop schoon, vet de kop af en toe in en plaats de beschermhoes of -kap over de snee.
  • Een bijl moet regelmatig bijgeslepen worden, want ze mag niet te scherp, maar ook niet te bot zijn. Een scherpe bijl is eigenlijk veiliger dan een botte, omdat je er minder kracht op moet zetten.